Legenda
ParrŤsia, G3954, 31x
1. alle openhartigheid, d.w.z. openrechtheid, botheid, publiciteit.
2. (impliciet) zekerheid.
Marcus 8:32
En dit woord sprak Hij vrij uit; en Petrus,
Hem tot zich genomen hebbende, begon Hem te bestraffen;
Johannes 7:4
Want niemand doet iets in het verborgen, en zoekt zelf, dat men openlijk van hem spreke.
Indien Gij deze dingen doet, zo openbaar Uzelven aan de wereld.
Johannes 7:13
Nochtans sprak niemand vrijmoediglijk van Hem, om de vrees der Joden.
Johannes 7:26
En ziet, Hij spreekt vrijmoediglijk, en zij zeggen Hem niets.
Zouden nu wel de oversten waarlijk weten, dat Deze waarlijk is de Christus?
Johannes 10:24
De Joden dan omringden Hem, en zeiden tot Hem:
Hoe lang houdt Gij onze ziel op? Indien Gij de Christus zijt, zeg het ons vrijuit.
Johannes 11:14
Toen zeide dan Jezus tot hen vrijuit: Lazarus is gestorven.
Johannes 11:54
Jezus dan wandelde niet meer vrijelijk onder de Joden;
maar ging van daar naar het land bij de woestijn, naar de stad, genaamd EfraÔm,
Johannes 16:25
Deze dingen heb Ik door gelijkenissen tot u gesproken; maar de ure komt,
dat Ik niet meer door gelijkenissen tot u spreken zal,
maar u vrijuit van den Vader zal verkondigen.
Johannes 16:29
Zijn discipelen zeiden tot Hem: Zie, nu spreekt Gij vrijuit, en zegt geen gelijkenis.
Johannes 18:20
Jezus antwoordde hem: Ik heb vrijuit gesproken tot de wereld; ,,,,
in het verborgen heb Ik niets gesproken.
Handelingen 2:29
Gij mannen broeders, het is mij geoorloofd vrij uit tot u te spreken van den patriarch David,
dat hij beide gestorven en begraven is, en zijn graf is onder ons tot op dezen dag.
Handelingen 4:13
Zij nu, ziende de vrijmoedigheid van Petrus en Johannes, en vernemende, dat zij ongeleerde en slechte mensen waren, verwonderden zich, en kenden hen, dat zij met Jezus geweest waren.
Handelingen 4:29
En nu dan, Heere, zie op hun dreigingen,
en geef Uw dienstknechten met alle vrijmoedigheid Uw woord te spreken;
Handelingen 4:31
En als zij gebeden hadden, werd de plaats, in welke zij vergaderd waren, bewogen.
En zij werden allen vervuld met den Heiligen Geest, en spraken het Woord Gods met vrijmoedigheid.
Handelingen 28:31
Predikende het Koninkrijk Gods, en lerende van den Heere Jezus Christus met alle vrijmoedigheid, onverhinderd.
2 KorinthiŽrs 3:12
Dewijl wij dan zodanige hoop hebben, zo gebruiken wij vele vrijmoedigheid in het spreken;
2 KorinthiŽrs 7:4
Ik heb vele vrijmoedigheid in het spreken tegen u, ik heb veel roems over u; ik ben vervuld met vertroosting; ik ben zeer overvloedig van blijdschap in al onze verdrukking.
EfeziŽrs 3:12
In Denwelken wij hebben de vrijmoedigheid, en den toegang met vertrouwen,
door het geloof aan Hem.
EfeziŽrs 6:19
En voor mij, opdat mij het Woord gegeven worde in de opening mijns monds met vrijmoedigheid, om de verborgenheid van het Evangelie bekend te maken;
Filippensen 1:20
Volgens mijn ernstige verwachting en hoop, dat ik in geen zaak zal beschaamd worden;
maar dat in alle vrijmoedigheid, gelijk te allen tijd, alzo ook nu, Christus zal groot gemaakt worden in mijn lichaam, hetzij door het leven, hetzij door den dood.
Kolossensen 2:15
En de overheden en de machten uitgetogen hebbende, heeft Hij die in het openbaar tentoongesteld, en heeft door hetzelve over hen getriomfeerd.
1 TimotheŁs 3:13
Want die wel gediend hebben, verkrijgen zichzelven een goeden opgang,
en vele vrijmoedigheid in het geloof, hetwelk is in Christus Jezus.
Filemon 1:8
Daarom, hoewel ik grote vrijmoedigheid heb in Christus,
om u te bevelen, hetgeen betamelijk is;
HebreeŽn 3:6
Maar Christus, als de Zoon over Zijn eigen huis; Wiens huis wij zijn,
indien wij maar de vrijmoedigheid en den roem der hoop tot het einde toe vast behouden.
HebreeŽn 4:16
Laat ons dan met vrijmoedigheid toegaan tot den troon der genade, opdat wij barmhartigheid mogen verkrijgen, en genade vinden, om geholpen te worden ter bekwamer tijd.
HebreeŽn 10:19
Dewijl wij dan, broeders, vrijmoedigheid hebben,
Paranaqueom in te gaan in het heiligdom door het bloed van Jezus,
HebreeŽn 10:35
Werpt dan uw vrijmoedigheid niet weg, welke een grote vergelding des loons heeft.
1 Johannes 2:28
En nu, kinderkens, blijft in Hem; opdat, wanneer Hij zal geopenbaard zijn, wij vrijmoedigheid hebben, en wij van Hem niet beschaamd gemaakt worden in Zijn toekomst.
1 Johannes 3:21
Geliefden! Indien ons hart ons niet veroordeelt, zo hebben wij vrijmoedigheid tot God;
1 Johannes 4:17
Hierin is de liefde bij ons volmaakt, opdat wij vrijmoedigheid mogen hebben in den dag des oordeels, namelijk dat gelijk Hij is, wij ook zijn in deze wereld.
1 Johannes 5:14
En dit is de vrijmoedigheid, die wij tot Hem hebben,
dat zo wij iets bidden naar Zijn wil, Hij ons verhoort.
ParrŤsiazomai, G3955, 9x
om eerlijk te zijn in uiting, of zelfverzekerd in geest en houding.
Handelingen 9:27
Maar Barnabas, hem tot zich nemende, leidde hem tot de apostelen, en verhaalde hun, hoe hij op den weg den Heere gezien had, en dat Hij tot hem gesproken had; en hoe hij te Damaskus vrijmoediglijk gesproken had in den Naam van Jezus.
Handelingen 9:29
En vrijmoediglijk sprekende in den Naam van den Heere Jezus, sprak hij ook,
en handelde tegen de Griekse Joden; maar deze trachtten hem te doden.
Handelingen 13:46
Maar Paulus en Barnabas, vrijmoedigheid gebruikende, zeiden: Het was nodig, dat eerst tot u het Woord Gods gesproken zou worden; doch nademaal gij hetzelve verstoot, en uzelven des eeuwigen levens niet waardig oordeelt, ziet, wij keren ons tot de heidenen.
Handelingen 14:3
Zij verkeerden dan aldaar een langen tijd, vrijmoediglijk sprekende in den Heere, Die getuigenis gaf aan het Woord Zijner genade, en gaf, dat tekenen en wonderen geschiedden door hun handen.
Handelingen 18:26
En deze begon vrijmoediglijk te spreken in de synagoge. En als hem Aquila en Priscilla gehoord hadden, namen zij hem tot zich, en legden hem den weg Gods bescheidenlijker uit.
Handelingen 19:8
En hij ging in de synagoge, en sprak vrijmoediglijk, drie maanden lang met hen handelende, en hun aanradende de zaken van het Koninkrijk Gods.
Handelingen 26:26
Want de koning weet van deze dingen, tot welken ik ook vrijmoedigheid gebruikende spreek; want ik geloof niet, dat hem iets van deze dingen verborgen is; want dit is in geen hoek geschied.
EfeziŽrs 6:20
Waarover ik een gezant ben in een keten, opdat ik in hetzelve vrijmoediglijk moge spreken, gelijk mij betaamt te spreken.
1 Thessalonicensen 2:2
Maar, hoewel wij te voren geleden hadden, en ook ons smaadheid aangedaan was,
gelijk gij weet, te Filippi, zo hebben wij nochtans vrijmoedigheid gebruikt in onzen God,
om het Evangelie van God tot u te spreken in veel strijds.